ORANJESTAD – De fiscale zaak die Mike de Meza meer dan een jaar in de weg stond om minister te worden in het kabinet AVP-FUTURO, heeft een belangrijke wending genomen. Het AVP-parlementslid maakte dinsdagmiddag bekend dat hij een akkoord heeft bereikt met het Openbaar Ministerie (OM), waarbij hij Afl. 2.500 betaalt als transactie zonder schuld te hoeven erkennen aan de beschuldiging dat hij niet naar behoren aan zijn fiscale verplichtingen heeft voldaan.
Volgens De Meza en zijn advocatenteam neemt het akkoord ook het strafrechtelijke obstakel weg dat zijn screening als kandidaat-minister in de weg stond. Op basis van de informatie die tijdens de persconferentie werd gepresenteerd, zou zijn juridische situatie hem nu in staat stellen de voor de screening vereiste verklaring te verkrijgen en daarmee opnieuw ministeriabel te worden.
De ontwikkeling kan een einde maken aan een zaak die begon tijdens de formatie van het kabinet AVP-FUTURO begin 2025.
Mike de Meza was oorspronkelijk aangewezen als kandidaat voor de portefeuille Infrastructuur, Energie en Telecommunicatie. Zijn benoeming kon in maart 2025 echter niet samen met die van de overige kabinetsleden doorgaan, nadat bij de fiscale screening door de belastingdienst DIMP problemen naar voren waren gekomen.
Tijdens de procedures die daarop volgden, gaf DIMP aan dat De Meza en zijn echtgenote niet alle belastingaangiften voor de jaren 2020 en 2021 hadden ingediend. Ook waren er opmerkingen over zijn eerdere fiscale gedrag. De Meza hield van zijn kant vol dat de kwestie het gevolg was van verschillen in interpretatie en dat hij op dat moment geen openstaande persoonlijke belastingschuld had. Volgens informatie die later in de rechtszaal werd gepresenteerd, zijn de aangifte- en betalingsverplichtingen die konden worden geregulariseerd vervolgens nagekomen.
De Meza stapte naar de rechter in een poging een gunstige fiscale verklaring te verkrijgen, maar in juni 2025 oordeelde het Gerecht dat het niet bevoegd was om DIMP te verplichten een dergelijke verklaring af te geven. Het Gerecht beschouwde de brieven van DIMP als informatie aan de formateur en niet als een bestuursrechtelijk besluit waartegen in die procedure beroep kon worden ingesteld.
DAARNA WERD DE ZAAK ERNSTIGER.
Tijdens de screening bleek dat het Openbaar Ministerie De Meza als verdachte behandelde in een strafrechtelijk onderzoek naar fiscale kwesties, nadat vanuit de belastingautoriteiten aangifte was gedaan. Dat vormde een extra probleem voor zijn benoeming als minister, omdat onder de Landsverordening Integriteit Ministers ook een justitiële screening deel uitmaakt van de procedure voor kandidaat-ministers.
De Meza begon verschillende procedures om het OM ertoe te bewegen meer duidelijkheid te geven over waarvan hij precies werd verdacht. Uiteindelijk concludeerde het Hof in oktober 2025 dat het OM binnen zijn bevoegdheden had gehandeld en dat het Openbaar Ministerie tijdens een lopend strafrechtelijk onderzoek niet verplicht was meer informatie te verstrekken dan de wet in die fase voorschrijft.
Ondertussen kon de AVP niet langer blijven wachten en werd Rene “Baba” Herde benoemd tot minister, waarmee het kabinet AVP-FUTURO werd gecompleteerd.
In 2026 kwam het onderzoek tegen De Meza in een nieuwe fase. Het Openbaar Ministerie deed een voorstel voor een transactie, dat De Meza aanvankelijk niet accepteerde. In juni meldde NoticiaCla al dat het parlementslid het aanbod van het OM nog aan het beoordelen was.
In juli liet de verdediging van De Meza publiekelijk weten dat het OM, nadat een eerder aanbod was afgewezen, voorbereidingen trof om de zaak voor de rechter te brengen. Een zitting stond gepland voor 24 augustus. De verdediging stelde dat er onvoldoende feitelijke en juridische basis was voor een strafzaak tegen De Meza.
DE BEKENDMAKING VAN DINSDAG 11 AUGUSTUS VERANDERT HET BEELD.
Volgens De Meza en zijn advocaten is er nu een definitief akkoord met het OM waarbij hij Afl. 2.500 betaalt als transactie, zonder schuld te erkennen aan de beschuldiging dat hij zijn fiscale verplichtingen niet is nagekomen.
Dat onderscheid is belangrijk: een transactie is niet hetzelfde als een veroordeling door een rechter. Volgens de verdediging neemt de afhandeling van de zaak bovendien het obstakel weg dat het strafrechtelijke onderzoek voor zijn screening vormde.
Politiek kan dit aanzienlijke gevolgen hebben.
Mike de Meza liep in 2025 de mogelijkheid mis om toe te treden tot het kabinet AVP-FUTURO, juist omdat de fiscale en strafrechtelijke procedures nog liepen. Als zijn juridische situatie nu volledig is geregulariseerd en hij de vereiste screening kan doorlopen, verdwijnt een belangrijk obstakel voor een toekomstige benoeming tot minister.
Dat betekent niet automatisch dat De Meza minister wordt. Een benoeming blijft een politieke en constitutionele beslissing. Maar volgens zijn verdediging is het probleem dat zijn ministeriële kandidatuur meer dan een jaar blokkeerde nu opgelost.
Het Openbaar Ministerie heeft nog geen verklaring gepubliceerd waarin alle voorwaarden worden bevestigd die tijdens de persconferentie van De Meza zijn gepresenteerd.
Een ander punt dat volgens het verdedigingsteam is meegewogen, was de vraag of de zaak voor de rechter moest worden gebracht. De verdediging stelt dat zelfs wanneer De Meza naar de rechter zou gaan en zou winnen, een eventueel hoger beroep van het Openbaar Ministerie ertoe zou kunnen leiden dat de procedure nog vier jaar voortduurt. Volgens zijn advocatenteam wilde niemand daarop wachten.