Analyse: Drie voormalige ministers in de gevangenis: Een probleem van personen of van het systeem?

Analyse: Drie voormalige ministers in de gevangenis: Een probleem van personen of van het systeem?

Posted on 7/17/2026, 2:23 PM AST | Updated on 7/17/2026, 2:23 PM AST

Door Tito Laclé

Vanmorgen werd Aruba opnieuw geconfronteerd met het nieuws dat een voormalige minister een gevangenisstraf zal moeten uitzitten voor strafbare feiten die tijdens zijn ambtsperiode zijn gepleegd. Met deze ontwikkeling hebben, als ik mij niet vergis, inmiddels drie voormalige ministers een onherroepelijke veroordeling gekregen die een gevangenisstraf omvat: Paul Croes, Benny Sevinger en nu Guilfred Besaril.

En daarmee is het verhaal nog niet ten einde. Er lopen nog strafzaken tegen andere voormalige ministers of zij wachten nog op een definitieve uitspraak. Onder hen bevinden zich Otmar Oduber, die in september de uitspraak in hoger beroep verwacht, en Glenbert Croes, wiens strafzaak eveneens nog loopt. Daarnaast is er de zaak van voormalig Statenlid Alan Howell, wiens veroordeling onlangs door een hogere rechter is bevestigd. Zoals in iedere rechtsstaat geldt, heeft iedereen het recht zich te verdedigen en alle beschikbare rechtsmiddelen te benutten. Totdat een definitieve uitspraak is gedaan, moet iedere verdachte als onschuldig worden beschouwd.

ONS SYSTEEM VAN BESTUUR

De belangrijkste vraag is echter niet alleen of een individu schuldig of onschuldig is.

De kernvraag luidt: wat zegt dit over het Arubaanse bestuurssysteem?

Dat drie voormalige ministers binnen relatief korte tijd in de gevangenis belanden, kan moeilijk als een normale samenloop van omstandigheden worden beschouwd. Het is een signaal dat er ergens in het systeem iets niet functioneert zoals het zou moeten. Of het probleem nu ligt bij de selectie van kandidaten, de politieke cultuur, de interne controle of het toezicht, de uitkomst roept ernstige vragen op over het vertrouwen dat burgers in hun bestuurders moeten kunnen hebben.

Maar het probleem beperkt zich niet tot degenen die zijn veroordeeld. Misschien is de belangrijkste vraag wel waarom het systeem er niet in is geslaagd dit te voorkomen.

CONTROLEMECHANISMEN

Een sterke democratie zou niet in de eerste plaats afhankelijk moeten zijn van officieren van justitie en rechters om machtsmisbruik jaren later te corrigeren.

Zij moet beschikken over mechanismen die risico's tijdig signaleren en onregelmatigheden stoppen voordat zij uitgroeien tot strafbare feiten.

Dat vraagt om een parlement dat zijn controlerende taak krachtig uitoefent, effectieve interne controles binnen ministeries, een professioneel ambtelijk apparaat en onafhankelijke instellingen die zonder politieke druk kunnen functioneren.

Wanneer deze waarborgen tekortschieten, betaalt de samenleving daarvoor een hoge prijs.

DE REACTIE VAN POLITIEKE PARTIJEN

Er is nog een ander aspect dat niet genegeerd mag worden: de reactie van de betrokken politieke partijen.

Wanneer na een definitieve veroordeling geen duidelijke afstand wordt genomen van dergelijke misstanden, biedt dat weinig garantie dat herhaling wordt voorkomen. In sommige gevallen bleven partijen kandidaten steunen die verwikkeld waren in een strafproces, met als argument dat "het volk op hen heeft gestemd".

Juridisch kan iemand het recht hebben zich verkiesbaar te stellen. Moreel en politiek rijst echter de vraag of politieke partijen niet eveneens de verantwoordelijkheid dragen om de geloofwaardigheid van de instellingen die zij vertegenwoordigen te beschermen.

STRAFRECHTELIJKE VERSUS POLITIEKE VERANTWOORDELIJKHEID

Hier moet een belangrijk onderscheid worden gemaakt.

Strafrechtelijke verantwoordelijkheid is niet hetzelfde als politieke verantwoordelijkheid.

Een minister kan nooit strafrechtelijk worden veroordeeld en toch politieke verantwoordelijkheid dragen vanwege gebrekkig leiderschap, onvoldoende toezicht of beslissingen die goed bestuur hebben geschaad.

In veel volwassen democratieën treden bestuurders af, niet omdat zij een strafbaar feit hebben gepleegd, maar omdat zij erkennen dat het vertrouwen van het publiek beschermd moet worden.

EEN VOORBEELDFUNCTIE

Een politiek leider vertegenwoordigt niet alleen een partij; hij of zij vervult ook een voorbeeldfunctie.

Wanneer een partij laat zien dat een strafrechtelijke veroordeling of een ernstige integriteitskwestie geen onmiddellijke politieke gevolgen heeft, geeft zij het signaal af dat politieke verantwoordelijkheid van ondergeschikt belang is.

Dat houdt ook de samenleving een spiegel voor.

Politici verschijnen immers niet uit het niets; zij worden gekozen door de kiezers. Wanneer kandidaten tegen wie ernstige beschuldigingen bestaan toch brede steun blijven ontvangen, laat dat zien dat voor een deel van het electoraat andere overwegingen zwaarder wegen dan integriteit. Voor sommigen weegt partijloyaliteit zwaarder dan het publieke gedrag van een kandidaat.

Dat is een ongemakkelijke werkelijkheid, maar wel een die om reflectie vraagt.

Begrijp mij niet verkeerd. Dat betekent niet dat alle politici op Aruba hetzelfde zijn. Ons eiland kent veel integere bestuurders en ambtenaren die hun werk met toewijding en eerlijkheid verrichten. Juist daarom richten gevallen van corruptie en machtsmisbruik zoveel schade aan. Ze treffen niet alleen de veroordeelden, maar ook de reputatie van alle publieke functionarissen die hun taak wel zorgvuldig vervullen.

DE OPLOSSING

De oplossing is niet eenvoudig.

Strengere wetten alleen zijn onvoldoende. Meer transparantie, onafhankelijk toezicht, bescherming van klokkenluiders, strengere interne controles en een cultuur van verantwoordelijkheid moeten een vast onderdeel worden van ons bestuur.

Tegelijkertijd moeten de instellingen die machtsmisbruik moeten voorkomen verder worden versterkt. Onregelmatigheden moeten worden ontdekt en gecorrigeerd voordat zij de rechtszaal bereiken. Ook politieke partijen moeten de moed hebben om hogere ethische normen te eisen van hun eigen kandidaten en leiders.

Uiteindelijk ligt de belangrijkste verandering echter in handen van de kiezer.

Elke stem geeft een boodschap af. Zolang integriteit, eerlijkheid en verantwoordelijkheid niet de belangrijkste criteria worden bij het kiezen van politieke leiders, zal echte structurele verandering moeilijk bereikbaar blijven.

De recente veroordelingen moeten niet alleen worden gezien als een overwinning van de rechterlijke macht. Zij tonen aan dat de Arubaanse rechtsstaat, ondanks zijn tekortkomingen, bereid is ook voormalige bestuurders ter verantwoording te roepen. Dat is een positief signaal.

Tegelijkertijd vormen deze veroordelingen een waarschuwing dat onze preventieve controlemechanismen niet naar behoren hebben gefunctioneerd.

Het ware succes van een democratie wordt niet alleen gemeten aan haar vermogen corruptie achteraf te bestraffen, maar vooral aan haar vermogen corruptie te voorkomen of herhaling ervan tegen te gaan.

Voor Aruba ligt de uitdaging daarom niet alleen in het bestraffen van het verleden. De uitdaging is een toekomst te creëren waarin het nieuws dat opnieuw een voormalige minister de gevangenis ingaat een uitzondering wordt, en niet iets wat de bevolking als normaal begint te beschouwen.

C'est la vie.